Afscheid in geuren en kleuren.

Picture 2852

 

Ik kan het verhaaltje nu wel vertellen omdat Sinterklaas en zijn zwarte pieten terug onderweg zijn naar Spanje met de stoomboot.

Gisteren hadden ze nog een heerlijk feestje meegemaakt ter afsluiting van een hele mooie periode in een school.

De verjaardag van de Sint werd gevierd met het stemgeluid van honderden zingende kinderstemmetjes.

Gelukkig en voldaan, moesten De Sint en Zijn ‘Lawaai Piet’ nog één bezoekje afwerken. Ze namen er rustig de tijd voor om iets lekker te drinken en de laatste snoepjes te verdelen.

Ze waren voor één keer met de auto omdat Sinterklaas zijn paard al op de stoomboot werd verwend door tientallen Zwarte dierenvrienden.

Bij het binnengaan had de Sint, Lawaai Piet erop gewezen dat er hondenpoep op het trottoir lag en dat hij er zeker niet moest intrappen. Een verwittigd man is er twee waard.

Op het einde van de rit zijn de Zwarte Pieten ook niet meer wat ze geweest zijn en verliezen heel wat van hun fitheid door het harde, soms  acrobatische werk op de daken.

Lawaai Piet was ondertussen nog wat snoep gaan halen uit de koffer van de wagen en kwam terug binnen. De Sint mocht dan wel oud zijn, zijn neus werkte nog heel goed. In het huis hing plots de geur van verse bemesting.

Sinterklaas wist al lang hoe laat het was en maande Zwarte Piet aan om even onder zijn schoenen te kijken.

En jawel hoor, Lawaai Piet had in zijn zeven haasten toch in het bruine goedje getrapt en het uitgesmeerd over de vloer doorheen het hele huis.

De Sint moest er eigenlijk mee lachen, want Piet kon er niets aandoen.

De bewoners van het huis vonden het allemaal niet zo erg en snoepten van de lekkere Nic nac letterkoekjes en guimauve sintjes.

Na het bezoekje gingen Sinterklaas en Piet naar buiten en vonden het erg dat ze weer voor een jaar afscheid moesten nemen van de grote steden die langzaam hun decors inkleurden met kerstversiering.

De Sint en Zwarte Piet begonnen aan hun allerlaatste tocht naar de stoomboot.

De Sint was toch blij dat zijn schimmel, “Slecht weer vandaag” zijn gevoeg overal kon doen, en dat het goedje dadelijk werd opgeruimd door de opruim pieten. Tot volgend jaar lieve kinderen, groot en klein.

Advertenties

Een vrije namiddag in het drukke leven van de Sint.

705153_4538116024289_1095861552_o

De Sint mag dan al zo oud zijn als de straat, ook hij ontsnapt niet aan de afspraken met belangrijke specialisten of geneesheren om zijn leeftijd te verlengen en de gezondheid in het oog te houden.
Omdat hij toch geen parkeerplaats voor zijn paard kon vinden aan het ziekenhuis, nam de grote kindervriend de bus.
Eventjes raakte de oude man verward omdat de bus stopte aan het crematorium. Gelukkig bleef de bus net niet lang genoeg staan om de grijze man te laten uitstappen om aan zijn allerlaatste reis te beginnen.
Daar was het trouwens nog te vroeg voor en dus reed de bus verder naar de volgende halte aan het tussenstation, het ziekenhuis.
Het was er heel druk en de Sint herkende vele mensen die als kind snoep hadden gekregen uit handen van de Heilige man en zijn Zwarte Pieten.
De Zwarte Pieten waren die middag massaal aanwezig op een hoorzitting achter gesloten deuren voor het behoud van de eeuwenoude traditie over het voortbestaan van de trouwe knechten van Sinterklaas.
Ondertussen was de Sint zich gaan aanmelden en kwam een beetje verward aan op de afdeling waar hem een bloedprik wachtte. Er waren prettigere zaken op de wereld en de oude man realiseerde zich dat hij tot nu toe een gelukkig leven gehad had, en nog een tijdje zou willen doorgaan.
Hij werd begeleid naar een luxe zetel waar hij in handen was van vele verpleegkundigen, die het goed voorhadden met de oude man.
Toeval of niet, maar tegenover de goedlachse man zat een andere man van vreemde origine, met een heel donkere huidskleur. Ook hij was gekluisterd aan de zetel en twee zakjes genezende middelen vloeiden in de vorm van vocht via dunne darmpjes naar zijn aders.
Ze knikten naar elkaar zonder ook maar één woord te wisselen, maar begrepen elkaar.
Hier op deze afdeling was iedereen gelijk, maar even moest de Sint toch denken aan het ‘hevige debat’ over het voortbestaan van de traditie van de Zwarte Pieten.
Het bloed uit de aders van de Heilige kindervriend vloeide naar een zakje, en bleek ook verrassend rood te zijn.
Na de behandeling nam de Sint vriendelijk afscheid van iedereen op de afdeling, patiënten en verpleegsters.
“Tot volgend jaar, en braaf zijn hé”, Zei Sinterklaas met zachte stem, macht der gewoonte, dacht hij. Iedereen lachte en knikte van ja en de Sint verdween door het gat van de schrijnwerker. Eerst wou hij via het venster het dak op, maar kwam op die beslissing terug.
Vijf verdiepingen later stond de Sint opnieuw met beide voeten op de grond en hij trok zijn longen vol met de heerlijke frisse zuurstof.
Hij was tevreden, wreef in zijn gekrulde baard omdat hij op het zelfde elan mocht verder gaan met het harde werken en het gelukkig maken van alle kinderen.
De oude man verdween opnieuw in de Lijnbus die hem naar zijn kasteel terugbracht, via een mooie kleurige rit rond de Limburgse hoofdstad.
Morgen is het zijn verjaardag en moet hij goed voor de dag komen en met een laatste grote inspanning doen om het snoep en speelgoed aan de kinderen te bezorgen.
Dan rest hem nog het pijnlijke afscheid van een stad die alles heeft. Niet veel later volgt opnieuw de verre reis met de stoomboot terug naar Spanje. Misschien kan hij nog een glimp opvangen van zijn concurrent ‘De Kerstman’ die de volgende dag zijn intrede doet in de grote stad.

De pijnkliniek laat diepe sporen na.

 

 

Ik moest voor een eerste sessie ruggenprikken naar het ziekenhuis. Het was een nieuwe afdeling op -1, en mij volledig onbekend.

Wij daalden af in de catacomben van het ziekenhuis en kwamen aan de balie waar ook een secretaresse zat die in dat werk nog maar weinig ervaring had. Dat zei ze zelf toen ik zwaaide met mijn hospitalisatieverzekering papieren. Ze wist er geen antwoord op, hoe de afhandeling daarvan zou gebeuren.

Mijn vrouw en ik werden ineens gescheiden van elkaar omdat ik naar de wachtzaal moest en mijn halve trouwboek naar de balie op het gelijkvloers voor de verdere afhandeling  van die verzekering papieren.

Intussen mocht ik mij omkleden in een XXXL roze short met de opening langs achter. Onder de mooie blauwe schorten zat mijn maat natuurlijk niet en ik moest  ‘kost wat kost’ opvallen.

De verpleegster lachte zich een bult en doopte mij tot Bhagwan Sri Rajnees (goeroe en stichter van een spirituele beweging).

Ik werd naar een zetel begeleid en kreeg en infuus met medicatie om mij wat rustiger te maken voor de eigenlijke sessie begon.

Het ergste was het wachten, maar ik kreeg al snel gezelschap van ene Limburgse schone in de zetel naast mij. De verpleegster had de naald netjes in een ader geduwd en zei tegen de vrouw: “Ik kom u zo dadelijk  verder helpen met uw infuus”.

“Gij moet u niet haasten”, zei de vrouw”, waaruit ik kon opmaken dat ze niet graag geprikt werd. ik wou het vrolijk houden en zei: “ Tja, er zijn betere en fijnere momenten dan deze”.

Iedereen lachte, maar de leute duurde niet lang. Er verscheen plots een dokter die de jonge vrouw ontsloeg van alle pijnbehandelingen in de kliniek omdat ze voor haar verkoudheid ‘antibiotica’ slikte.

En daar zat ik dan alleen in mijn hoekje, driekwartier te wachten op mijn beurt in de relaxzetel.

Na  de behandeling op de ‘pijnbank’, werd ik nog driekwartier opgevolgd door monitoren voordat mijn vrouw en ik opnieuw werden herenigd.

Het arme schaap had de hele tijd op mij zitten wachten en had mijn verzekering niet kunnen activeren, ze werd van het kastje naar de muur gestuurd.

Ik zou dat varkentje wel eens gaan wassen, maar ik moest mij daarvoor tot driemaal elektronisch inschrijven om aan de inschrijving balie terecht te komen. Ik moest twee keer bellen naar mijn verzekering en kreeg telkens een andere stem aan de lijn en moest mijn hele verhaal opnieuw doen.

Uiteindelijk, na een uur ‘op en af’ lopen vond ik zelf de fout. Het zat hem niet in de code, maar mijn dossier was in een ander ziekenhuis geactiveerd.

De verzekeraar bracht het dossier dadelijk  in orde, maar ik moest opnieuw een half uur wachten voor ik mij opnieuw kon inschrijven om het meisje aan de balie voor een derde en laatste keer lastig te vallen.

Uiteindelijk na  anderhalf uur, had ik groen licht en kon ik terug naar huis en was zo opgejaagd, dat ik zelfs niet meer wist waarvoor ik in het ziekenhuis was geweest.

Mijn rug deed geen pijn meer omdat de adrenaline nog door mijn lichaam joeg, of had behandeling dan toch een positieve reactie.

Binnen veertien dagen moet ik opnieuw naar het ziekenhuis voor de tweede  sessie op de pijnbank.

Ik denk dat ik een pakketje extra boterhammen meeneem.

Hoor, wie klopt daar kinderen?

IMG_20181113_212646

Stel, je bent een komische thriller aan het repeteren in een zaaltje bij de Paters, en er wordt plots op het raam geklopt. Dan denk je toch dadelijk aan klopgeesten of de Zwarte piet van Sinterklaas. In eerste instantie was het  slechts één van onze actrices die het geklop kon waarnemen.

Ik verklaarde haar net niet zot, en wij repeteerden verder zonder er de nodige aandacht aan te geven.

Maar het geklop kwam dichterbij en opeens weerklonk het op het raam achter mij. Iedereen bekeek iedereen, en de verantwoordelijke van het gezelschap, ik dus, zou de honneurs eens gaan waarnemen.

Was het iemand van ons toneelgezelschap die ons een poets wilde bakken of een flauwe plezante die licht had zien branden.

Ik begaf mij naar de plaats van delict en opende de grote zware houten toegangspoort. Wij hadden namelijk een afspraak met de paters om voor de veiligheid de poort te sluiten als iedereen van ons gezelschap aanwezig was.

Er stond een Chinese vrouw voor mij, die in gebroken Nederlands  tegen mij begon te praten: ”Meneer ikke kom repeteren”.

Ik bekeek haar en zei dat ik haar niet kende, dat zij geen deel uitmaakte van ons toneelgezelschap en dat wij in het aanpalend zaaltje aan het repeteren waren.

Maar de vrouw ging in paniek en onverstoord verder met haar uitleg: “ Meneer, ikke speciaal gekomen van Diepenbeek voor repeteren met de koor in de kerk”. Ik vroeg haar of zij al op de deur van de kerk had geklopt of geprobeerd had om iemand van het koor te bellen. Ze ving overal bot en wou nu op de deur van het bewonersgedeelte van de paters gaan kloppen. Wie was ik om haar dat te weigeren.

Terwijl zij op al de deuren ging kloppen verscheen er ook nog een oude man, die haar ook had willen helpen. Die man had precies ook nood aan een gesprek, want hij vertelde mij dat hij net gepensioneerd was als advocaat en hier om de hoek woonde.

De Chinese vrouw uit Diepenbeek liep op en af en wou ‘kost wat kost’ ergens binnen geraken om haar koor vinden.

Ik wilde ook niets liever dan mij opnieuw bij mijn gezelschap voegen om ook verder te kunnen repeteren.

Opeens was de vrouw verdwenen en de advocaat van de duivel stelde mij de ene vraag na de andere over het klooster.

Ik moest hem letterlijk en figuurlijk aan de deur zetten, en ik zei dat ik weinig tijd had.

De zware deur sloot met een zware smak in het slot en ik moest even bekomen van de laatste minuten.

Toen ik terug de zaal binnenkwam bekeek iedereen mij alsof ze een geest zagen. Een paar minuten later moest ik al opkomen als boze opgejaagde man.

Dat was een heel contrast met de vriendelijkheid die ik buiten had moeten tentoonstellen om iedereen te helpen.

De Sint wordt een dagje ouder.

 

46334462_1362455720557186_8904620012484952064_n

 

Voor het twintigste jaar op rij was de Sint present op de stoomboot in Hasselt, gevuld met lieve kinderen. Sinterklaas was altijd in de nopjes met de mooie georganiseerde show met de Zwarte pieten en de kinderen.

Bij het verlaten van de Stoomboot had de Sint nog een kort gesprek met de kapitein, die de Heilige man feliciteerde met zijn jubileum van twintig jaar.

De goede Sint vertelde de kapitein dat hij zich goed voelde, geen haar veranderd was in die twintig jaar en zijn uiterlijk ongeschonden was gebleven. De man daarentegen, die onder maskerade en de schmink zat, was wel twintig jaar ouder geworden. Er werd goed mee gelachen terwijl de Sint vertrok in zijn snelle sportwagen.

Die avond moest Sinterklaas nog een huisbezoekje afleggen. Daarvoor had hij weer een andere privé chauffeur en een frisse Zwarte Piet, die ze onderweg moesten opladen.

Omdat de schimmel van de Sint moest rusten voor het komende zware nachtwerk, maakten ze gebruik van een andere luxe voertuig.

Normaal wijst verkeerspiet de Sint de juiste weg naar de brave kinderen, maar nu werd er veiligheidshalve gebruik gemaakt van de auto elektronica. Een sprekende vrouwelijke stem leidde ons naar het juiste adres door het duister.

Stipt op de afgesproken tijd reden wij stilletjes de oprit op en Sinterklaas en Zwarte Piet maakten zich klaar voor het bezoekje.

Wij wilden naar de deur wandelen toen er werd geroepen aan de deur van een huis, iets verderop: “Jullie zijn een huis te ver, hier is het te doen”.

Al lachend liepen sinterklaas en Zwarte Piet naar het juiste huis en vertelden dat het de schuld was van de gps.

Ondertussen reed de chauffeur het vervoermiddel van het feestelijke duo naar de juiste oprit. Gelukkig was er op het andere adres niemand thuis.

Een half uurtje later reed het drietal terug naar het kasteel van de Sint, waar “Slecht weer vandaag” was uitgerust. Ondertussen scheen de maan tussen de bomen en was de Sint in zijn nopjes.

Tevreden omdat hij vele kindergezichtjes had doen lachen en bedolven onder pakjes en snoep.

De nacht kwam dichterbij en alles werd snel in het werk gesteld om alles tijdig klaar te hebben om andere kinderen gelukkig te maken.

Geen gps meer voor de Sint. Hij plaatste zijn neus in de juiste richting geleid door de wind en hij zong stilletjes:

 “Hoor de wind waait door de bomen.

   Hier in huis zelfs  waait de wind.

   Zou de goede Sint nog komen…….”

 

Wachtzaal of callcenter?

 

Gsm

 

De laatste weken heb ik nogal wat wachtzalen bezocht in ziekenhuizen en privépraktijken van de geneeskundige specialisten. Er is niets ernstig met mij aan de hand hoor, alleen maar ouderdomsaandoeningen die niets met elkaar te maken hebben of een jaarlijkse controle.

Wat mij daarbij opviel is wel de gejaagdheid van de ongeduldige mensen en sociaal is er ook een achteruitgang te merken.

Bij het binnenkomen in de wachtzaal krijg je alleen nog een snelle vage blik vergezeld met een knikje en vervolgens is dan weer iedereen gefocust op zijn mediatoestel.

Geloof het of niet maar ik weiger gewoon om de tikkende mediatijdbom uit mijn zak te halen. De media is een medium dat je kan maken tot iemand, maar kan je ook even snel kraken.

Enfin, terug naar het ‘callcenter’, waar vroeger de patiënten hun hoog IQ uitstraalden door het lezen van ingewikkelde dikke maandbladen, blijven deze nu onaangeroerd liggen op het tafeltje in de wachtzalen.

Deze morgen had ik het zoveelste controle onderzoek , bloedtrekken, bloeddruk meten en alle bijhorende tralalala.

Om half acht nam ik plaats in de bijna volle wachtzaal bij mijn huisdokter. Het was er angstig doodstil, want iedereen zat geconcentreerd te tokkelen op zijn of haar smartphone, alsof hun leven er vanaf hing.

Naast mij was er nog een stoel vrij, maar die werd al snel ingenomen door een oudere vrouw van uit de buurt, die ik kende. “Amai”, zei ze, “als ik geweten had dat het zo vol zat, was ik vroeger gekomen.”  “Ik was al vroeg hier”, lachte ik, “en nu driekwartier later zit ik hier ook nog”.

Opeens zei het vrouwtje heel hard: “Mogen wij hier wel praten, want iedereen is op zijn gsm bezig”.

Ineens waren alle ogen op ons gericht, en zeker op mij, voor het antwoord dat ik ging geven. “Misschien dat deze mensen hier bij de dokter komen voor hun verslaving”, fluisterde ik zachtjes in het oor van de vrouw.

Wij glimlachten tegen elkaar, heel kortstondig, want ik hoorde voetstappen in de gang. Een paar minuten later was ik drie buisjes bloed lichter en kreeg een griepprik in de schouder. Je weet maar nooit. De dokter wou mijn bloeddruk nemen, maar de manchet dacht daar anders over en sprong los.

“Dat is ieder jaar rond Sinterklaas, dat mijn bloeddrukmeter of manchet de geest geven”, sprak de dokter. “Nogal een geluk dat de Sint hier op de onderzoektafel zit, zei ik, “behandel mij maar met zachtheid en wie weet wat er morgen in uw schoentje ligt.

Zoals altijd schreef hij lachend mijn kilo’s medicatie voor en liet mij naar buiten.

Ik vroeg of ik voor de uitslag moest bellen naar zijn “callcenter”. “Neen”, zei hij lachend, “spring maandagavond maar even binnen voor het resultaat, dat is goed voor de lijn.

Op dat moment ging mijn smartphone af, met een berichtje dat mij  herinnerde aan de volgende afspraak.

 

 

 

 

De “Baronnen” van het pleintje.

 

verkeersborden

 

De uitdrukking ‘Baronnen’ is afkomstig uit Molenbeek waar de Marokkaanse Belgen, gekleed in trainingsbroek volledig beantwoorden aan Marokkaanse jongeren. Ze noemen zich “Baronnen”, koningen van de wijk en zijn gespecialiseerd in rondlummelen en links en rechts wat bijverdienen.

Ze rijden rond met onbetaalbare auto’s die ze onder elkaar delen om te pochen in hun omgeving.

In de Belgische film “Les Barons” uit 2009, een komedie, wordt duchtig gespeeld met die clichés die de Marokkaanse gemeenschap in België omringen. Een film van Nabil Ben Yadir.(Een aanrader)

Deze film heb ik twee keer bekeken en staat in mijn top 3 van de beste Belgische producties.

Het scenario is altijd blijven nazinderen en heel herkenbaar, ook als je de film niet hebt gezien. Dit ritueel is de laatste jaren verplaatst naar alle pleintjes en openbare parkeerplaatsen, verspreid over heel ons land en steden.

Maar vandaag zag ik de humor er niet meer van in, toen ik het pleintje betrad.

Ik moest wegspringen voor “een dikke bak” die tegen de richting in de parking opreed. Hij reed bijna over mijn tenen, ik moest mijn hond in de veilige zone trekken terwijl ik vloekte en tierde. Hij lachte en reed tegen dezelfde hoge snelheid naar zijn drie vrienden die iets verderop stonden te lachen. Het had iets weg van een pitstop van een raceteam.

 

Mijn eerste gedacht was, om die kerels hun levieten eens te gaan lezen, dat ook zij zich aan de Belgische wetten dienden te houden. Maar zij waren nu met vier, en de man met hond, een duo, en in de minderheid.

Toen ik voorbij wandelde waren ‘de Baronnen’ de auto luidruchtig aan het keuren, en toen zag ik dat hij ‘scheef’ geparkeerd stond op een plaats, waar witte schuine lijnen geverfd waren. Een oversteekplaats voor voetgangers op de parking.

De Baronnen hadden alleen maar oog voor de glinsterende auto en waren aan het goochelen met waarden, uitgedrukt in euro’s, bedragen die zij nooit kunnen verdienen, in hun gans leven niet.

Ik liet hun begaan en wandelde rustig het pleintje rond met mijn snuffelende waakhond.

Er kwam steeds meer volk van rondlummelende jongeren naar de ‘sjieke bak’ kijken met veel tumult, zoals alleen zij dat kunnen.

Ik wandelde de hoek om, moest uitwijken voor een vrouw met hoofddoek die schrik had van mij en mijn hond en zette de laatste rechte lijn naar huis in, naar mijn ‘Barones’. 

 

De start van een fijne week.

 

DSCF1126

 

Die maandag, heel vroeg in de ochtend, het regende pijpenstelen en de hemel kleurde grauw en grijs. Mijn eerste plannen van die dag vielen al in het water. Ik had  om 9u30 een afspraak met een dokter van de pijnkliniek en ik wou de afstand tot aan zijn kabinet overbruggen met de fiets. Ik moest een hoop papierwerk van de vorige onderzoeken meeslepen en wou niet dat deze gingen drijven in het water, dus koos ik voor een ander vervoermiddel op vier wielen met mijn vrouw als chauffeur.

Een half uur voor mijn afspraak stond ik voor de deur van de dokterspraktijk en controleerde alle gegevens op het bordje aan de buitenmuur. Ik drukte op één van de vier bellen met opschriften:  2 met de vermelding van “Secretariaat” en 2 met vermelding “pijnkliniek”. Ik wou de pijn nog niet erger maken dan het nu al was en drukte voorzichtig op de bel “secretariaat”.

Er weerklonken veel elektronische geluiden en ik legde mijn oor aan de parlofoon om niets van het schouwspel te missen. Ondertussen had de secretaresse de deur naast mij al handmatig open gezwierd en wachtte op mijn komst.

In een ruk draaide ik mij om en beiden verschoten wij ons een aap. In de verwarring noemde ik mijn naam en die van de dokter. Zij was ook even in de war en verwees mij stotterend door naar de wachtzaal.

De dokter ontving mij stipt op het uur van afspraak. Met een rustige stem vroeg hij wat er aan de hand was, bestudeerde mijn documenten en met heel veel attributen vertelde hij mij wat er ging gebeuren in de pijnkliniek.

Op het einde van het gesprek kreeg ik nog een informatieboekje mee, waarin in menselijke taal de hele uitleg stond, die de dokter mij in zijn geleerde woorden had uitgelegd.

De vriendelijke dokter begeleidde mij dan naar het secretariaat waar de afspraken in de pijnkliniek moesten worden gemaakt.

Het was hetzelfde meisje dat mij bij het binnenkomen de schrik van mijn leven had bezorgd. Niet omdat er geen klik was tussen ons, maar omdat het gewoon een maandagmorgen was.

Ze stak haar hoofd boven haar grote computerscherm uit en vroeg: “Het is toch voor de nek?”. “Neen”, zei ik vlug, “Mijn rug”. Ze zei “oh” en het werd doodstil.

Ze zocht enkele data op voor de eerste behandeling en vroeg of ik vrij was op 6 december. “Dan kan ik niet” lachte ik, “want dan verjaar ik”.

Ze keek mij verbaasd aan en dus voegde ik er rap aan toe: “De verjaardag van de Sint, en die Sint ben ik.”

Nu lachte ze, en ik kon daaruit opmerken dat ze wel van de cadeautjes hield.

Na het in ontvangst nemen van een nieuwe papierenwinkel, rekende ik elektronisch af en nam afscheid. Ik wou nog een liedje zingen, maar ik ging al neuriënd buiten:

“Dag Sinterklaasje, dáág, dáág, Zwarte Piet”.

Ondertussen verdween ik opnieuw tussen de massa  in de regen en het grijze decor.

Het vallen van de bladeren.

vallende-bladeren-met-tekst-hallo-herfst_58134-21

 

De herfst heeft duidelijke herkenningspunten ten opzichte van de andere seizoenen, namelijk het vallen van de bladeren, een mooi kleurenpallet.

Maar deze periode heeft een enorme impact op de mensheid.

Sommige mensen worden gelukkig bij het zien van de mooie kleurenschakeringen in beeld gebracht door de vallende bladeren.

Andere mensen borstelen van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat de bladeren bijeen om hun inrit of stoep zuiver te houden. Maar dat is dweilen met de kraan open, en dat snappen sommige mensen niet, want zolang er bladeren in de bomen hangen, kunnen deze naar beneden vallen.

Mijn hond en ik vinden niets leuker dan in parken en weides,  met de voeten en poten door de bladeren te wroeten. Wij worden dan even speels en vergeten de rest van de wereld.

Een laatste groep mensen houdt niet van de donkere dagen waardoor ze nors gaan kijken op alles reclameren en soms in een diepe depressie zinken. Zij zitten meestal futloos binnen en slikken pakken antidepressiva. Ze moeten dag per dag opgevolgd worden, want sommigen zijn in staat om domme dingen te gaan doen.

Mijn hond en ik liepen vrolijk verder door de gevallen bladeren van de natuur.

Ik was zo ver in gedachten verzonken dat ik het niet eens besefte dat ik terug op straat wandelde, zo heerlijk rustig.

Ik wachtte om de straat over te steken en zag een auto naderen, waarvan ik dacht: “ kan die niet wat sneller.”

Toen de wagen ter hoogte van ons was stopte, zoefde het venster aan de chauffeurszijde naar beneden. Ik herkende een vriend, die vrolijk vroeg of ik inspiratie aan het opdoen was voor een nieuw verhaal. Ik lachte en ontkende in alle toonaarden, niet wetende dat het toch op mijn blog zou terecht komen.

Op dat zelfde moment liep ik zonder te kijken de straat over om mij naar het voertuig te verplaatsen.

Onbezonnen en gevaarlijk natuurlijk, want al roepend kwam een fietser naast mij door geslalomd, waardoor  ik mij natuurlijk een bult verschoot en met een sprong terug op het trottoir belande. Mijn hond volgde omdat ze strak aan de leiband hing.

De auto reed ondertussen verder, de fietser ook en ik dacht plots, er is weer een verhaaltje geboren.

Al hadden mijn hond en ik door de natuur gelopen, mijn hond wachtte met haar gevoeg tot ze op bekende grond zat op de hondenweide.

Ik snoof de heerlijk herfstgeuren op en wandelde verder de bewoonde wereld in. De bladeren vielen in grote aantallen naast ons neer.

Het is nu heel duidelijk, de herfst is begonnen.

Allerheiligen

Allerheiligen

 

Het is doodstil buiten,

Je hoort zelfs geen vogel fluiten.

 

Af en toe zoeft er een auto langs ons door,

gevuld met mensen die onderweg zijn.

 

Of families wandelen gearmd naar de plaats,

waar men zijn dierbaren gaat herdenken.

 

Een herfstbriesje waait door ieders haren,

van zo velen die het niet eens ervaren.

 

Zij zijn allemaal in gedachten en stappen vredig verder,

op weg naar het kerkhof waar hun dierbaren liggen begraven.

 

De Chrysanten die ze meedragen staan  symbool voor deze herdenking,

De graven zijn mooi gepoetst en de gezichten op de foto’s stralen.

 

Er worden herinneringen opgehaald, gelachen en soms getreurd.

Deze dag mag het en iedereen doet het op zijn eigen manier.

 

In de namiddag stijgt de heerlijke bakgeur op van pannenkoeken.

Hier en daar verschijnt ook een boekweitpannenkoek op tafel.

 

De familie zetelt rond de feesttafel en ook een jeneverstoop of een speciaal voor deze gelegenheid bewaard bier, moet er aan geloven.

 

Er wordt gebladerd in familiealbums en oude koeien uit de gracht gehaald.

Iedereen komt wel aan de beurt en wordt met liefde onthaald.

 

Tot laat op de avond herleven mooie familietaferelen, die geleidelijk zacht uitdeinen.

En voor sommigen zal het nog later worden en zal het reeds Allerzielen zijn.