Wreed accident.

 

 auto

 

In onze straat valt meestal niet veel te beleven, zoals dat het geval is in veel woonwijken.

Maar als er dan sprake is van uitzonderingen, zijn wij er toevallig altijd als de kippen bij.

In de straat waar ik woon geldt eenrichtingsverkeer voor alle met motor aangedreven vierwielers. Soms zie je wel eens een chauffeur tegen de richting in door de straat racen, om zo snel mogelijk van A naar B te rijden, omdat ze hem dan niet kunnen zien als hij zijn overtreding maakt, met de hoop om natuurlijk geen tegenligger op zijn weg te vinden.

Een vriend van mij, die mij een bezoekje bracht was genoodzaakt om ook tegen de richting in de straat uit te rijden omdat een grote oplegger truck een barricade had opgericht, en er dus niemand reglementair de straat kon uitrijden.

De chauffeur van die grote oplegger had bij zijn draaimanoeuvre een auto geramd. Het resultaat van deze aanrijding waren twee ingedeukte deuren, in een auto van een buurman. De buurman, die een poetsmanie heeft, staat normaal de gehele dag over zijn auto te wrijven, en het resultaat mag gezien worden. Geen verloren stofdeeltje of regendruppel krijgt te tijd om op zijn auto te vallen en uiteen te spatten. Hij staat altijd met een emmertje water, poetsproduct en zeemlap klaar om het vuil en de nattigheid dadelijk weg te vegen.

De man, van vreemde origine, woont met zijn gezin al vele jaren in onze straat, is heel vriendelijk, maar spreekt nog geen woord Nederlands, en dat gaf hier natuurlijk een probleem. Hij had er zijn dochter als tolk bijgehaald en ook een andere buur trad op als onderhandelaar.

Zij waren nu met vier personen en konden in tussentijd een potje kaarten. Onze straat bleef meer dan een half uur geblokkeerd, want zo een mastodont zet je niet zomaar aan de kant.

Toen  uiteindelijk de wegversperring tot het verleden behoorde, zag ik de schade aan de auto, een goed onderhouden oude Mercedes. De twee deuren aan chauffeurszijde vertoonde deuken en tientallen krassen, die met geen vod konden weggeveegd worden. Ik denk dat de man in ‘shock’ is, want ik heb hem, noch zijn poetsdoek vandaag kunnen waarnemen.

Hopelijk dekt de verzekering zijn onkosten van zijn aankomende oldtimer, en kan hij binnen enkele weken opnieuw beginnen te vegen over blinkende lak.

Hij is namelijk het stukje decor in mijn straat als ik met de hond ga wandelen.

Advertenties

Een huisdier is geen wegwerpproduct.

 

Border Collie 

 

Deze morgen was het druk op het pleintje, en er was ook veel volk ter hoogte van het hondentoilet. Dat was op zich niet ongewoon en ik dacht dat het allemaal hondenvrienden waren die een babbeltje aan het slaan waren over het weer.

Ik liep dus maar rond het pleintje om onze beurt af te wachten voor het betreden van het hondenparadijs. Omdat iedereen ter hoogte van de hondenweide bleef staan, nam ik plaats op een bank een tiental meters verder.

Dat was even genieten met mijn hond tevreden gelegen aan mijn voeten en verstand op nul.

Plots viel mijn oog op een lichte vrachtwagen die iets verder geparkeerd stond met de deuren aan de achterkant geopend. Pas toen ging er bij mij een lichtje branden na het lezen van de tekst op de zijkant van de camionette.

In grote letters stond te lezen: “Dierenasiel Genk”, wat mij deed vermoeden dat er iets anders aan de hand was dan een gewone babbelbijeenkomst.

Ik zag een man met handschoenen aan beide handen op zijn knieën zitten, om een hond die iets verder zat, te lokken.

Mijn hond en ik volgden de reddingsactie van op een afstand. De radertjes in mijn hoofd begonnen sneller rond te draaien, en langzaam werd ik mij bewust van wat er aan de hand zou kunnen zijn. Had iemand zijn hond daar gewoon gedropt? Of was die persoon gewoon gaan winkelen? Allemaal vragen die door mijn hoofd spookten.

Ik kende maar één vrouw die haar hond geregeld achterliet om te gaan winkelen, ‘de Canaille’, maar zij, noch haar blaffende haarbol, waren nergens te bespeuren.

Ondertussen had de man de hond gevangen en kwam uit de hondenweide. Toen kon ik pas zien dat het een jonge Border Collie was, die aan de leiband meeliep met de man. De hond werd door de omstanders nog geaaid voor hij in het hok van de lichte vracht moest plaats nemen.

Ik was even van mijn melk, omdat ik geen antwoord kon verzinnen op de vraag, hoe de hond daar verzeild geraakt was.

Ik ben er zeker van dat deze hond nu in goede handen is en nog een goede toekomst tegemoet gaat. En hopelijk gaat de rechtmatige eigenaar van de hond zich eens bezinnen over het ‘houden van huisdieren’.

Ik streelde mijn hond, stond op, en samen liepen de onafscheidbare man en zijn trouwe hond huiswaarts, waar voor beiden snoepjes klaar lagen.

Op zo’n momenten besef je pas welke prachtige band je hebt met je huisdieren, die altijd voor je klaar staan.

Ik kende de oorzaak, en toch bleef ik zoeken naar de oplossing.

 

 Stroom

 

Na de lange hete zomerperiode met hittegolven en gebroken records van hoge temperaturen, verdiende het huis ook wat verkoeling.

En als mijn vrouw overgaat tot poetsen, is het best dat mens en dier niet in de omgeving komen. Niet dat ze agressief is of zo, maar ze werkt graag door zonder dat er op de gepoetste vloeren voetstappen of afdrukken van de pootjes staan van mij of onze huisdieren. Meestal wordt de hond dan aan de leiband geklikt en trek ik de wijde wereld in, tot het poetszweet is opgedroogd.

Mijn vrouw houdt er ook van om alles te verschuiven, ook de tv kast en het salon. Bij het verschuiven van de zwaardere zaken is mijn hulp natuurlijk van kapitaal belang.

Toen ik terug thuis kwam blonk alles ‘pico bello’, het rook fris in huis, en nu kon de volgende hittegolf beginnen.

Wat is er heerlijker dan even nagenieten van je werk, gezeten in de zetel en de tv ingeschakeld op het laatste nieuws in de wereld.

Maar de tv weigerde elke medewerking, er ging zelfs geen lampje branden.

Je weet natuurlijk waar je eerst moet gaan zoeken voor je een specialist in huis haalt. Ik haalde mijn handboek: “elektronica voor Dummies” uit de kast, en controleerde al de kabels die vanachter in het toestel staken, en waar ze naar toe gingen. Aan de andere kant, van het toestel, controleerde mijn vrouw al de stroomkabels die in de stroomverdeeldoos staken en waar die naar toe gingen.

Nog voor zij klaar was met haar controle en het tellen van het aantal kabels had ik de oplossing ‘bijna’ gevonden. Ik miste de stroomkabel, die het toestel normaal voorziet van 220 volt. Op dat zelfde moment stond mijn vrouw daar met dat snoer in haar handen. Het ene uiteinde stak met de stekker in de verdeeldoos, maar de andere zijde had haar vaste verbinding met het tv toestel verlaten en was nu vogelvrij.

Het was  “alle hens aan dek” om de laatste opdracht tot een goed einde te brengen en deze kabel terug aan te sluiten achteraan het tv toestel.

De verbinding was snel een feit en gelukkig ging het lichtje op het voorfront van de tv knipperen, wat betekende dat het beeldscherm zou gaan opkleuren.

Wie er nu verantwoordelijk was voor deze “stroompanne” weet ik niet, ik kan alleen maar gissen.

Mijn vrouw kon met een gerust hart de gebeurtenissen in de wereld volgen, en ik kon terug naar mijn luie zetel op het terras.

Lachen (met stommiteiten) kost minder dan elektriciteit en geeft minstens evenveel licht.

 

Solden in ‘Jessa’?

 

 

Ik had mijn jaarlijkse afspraak met de specialist Hematologie in het Jessa op de  (mogelijk) warmste dag van de zomer. Normaal is dat een ritje met de fiets van een tiental minuten, maar bij deze temperaturen boven de dertig graden paste ik toch op voor ‘mijne tikker’ en oververhitting. Met een ‘met airco’ gekoelde auto bracht mijn vrouw mij naar het ziekenhuis. Je denkt dan dat er bij zo hoge temperaturen geen patiënten aanwezig zullen zijn, maar buiten zaten al tientallen mensen verfrissing te zoeken in de schaduw. Ziekte en gezondheidstoestanden houden nu eenmaal geen rekening met de weersverschijnselen.

Ik schreef mij in aan de elektronische inschrijfkiosk en volgde de gele pijl naar de vijfde verdieping en het secretariaat “Hematologie”. De wachtzaal zat propvol en dus nam ik plaats in de gang waar wat beweging was, zodat de tijd wat sneller draaide. Ik had normaal een afspraak met de specialist om 11u45, maar er was vertraging, waardoor ik pas tegen 12u30 naar binnen werd geroepen door de dokter.

Mijn bloedwaarden waren niet slecht, ook niet heel goed en konden nog verbeteren als de kilo’s wat zouden verminderen. Waar had ik dat nog gehoord? “Je hebt het zelf in de hand of je nog aderlatingen moet laten doen of niet”, lachte hij, toen hij mij liet gaan.

Om safe te blijven moest ik dus nog drie keer per jaar een aderlating laten doen, te beginnen met….vandaag.

Met al de moed die ik bijeen had geraapt, sleepte ik mij naar het daghospitalisatie  Hematologie. Al de zetels, ik denk zo’n 12 in een dozijn waren allemaal bezet en ik moest plaats nemen op een stoel, tot er één zetel vrij kwam. Gelukkig blies de airco de nodige koele zuurstof door de ruimte, wat mij wat verfriste, maar niet voor lang.

Er bleven maar patiënten binnenkomen die het allemaal gemunt hadden op de eerste zetel die vrijkwam. Tot een gevecht kwam het niet omdat een verpleegster mij streng vroeg of ik al iets had gegeten. “Een stevig ontbijt” Lachte ik. “Dat is niet genoeg als je een ‘aderlating’ moet laten doen. Gelieve mij te volgen?” vroeg ze vriendelijk. Als een schoothondje liep ik achter haar aan tot in een klein wachtlokaaltje met zetels en dergelijke. Ze haalde voor mij een middagmaal, en zei dat ik pas mocht terug komen als ik dat allemaal opgegeten had.

Ik heb nog nooit in mijn leven zo snel gegeten denk ik, maar ik wou mijn plaats op de zetel voor de aderlating niet kwijtraken aan andere patiënten.

Ik haastte mij terug naar de afdeling ‘daghospitalisatie’, maar er was nog steeds geen zetel vrij en ik moest weer een kwartier wachten, tot ik een ‘boertje’ had gelaten.

Uiteindelijk lag ik toch nog redelijk snel in ‘mijn luxezetel’, een verpleegster naast mij met een lange naald in aanslag. Ze kreeg schrik om mij te prikken omdat ik vertelde hoe moeilijk het netwerk van aders lagen in mijn arm.

Een andere verpleegster nam het over en, ‘wonder boven wonder’ stak zij vanaf de eerste prik in de juiste bloedleiding en de afvoer naar het zakje kon aangesloten worden.

Terwijl er 500 milliliter van mijn beste bloed naar het zakje vloeide kreeg ik een lekkere koude mok echte cola.

Na de postwisseling van de verpleegkundigen werd mijn bloeddruk ‘bijna’ twee keer genomen door een vloekende verpleger. Wat er fout ging met dat toestel weet ik ook niet, maar na twee pogingen gaf hij het op en gaf ik hem dan maar de uitslag: “Ik zal het zeggen, ik voel mij goed”. “Dan is het goed, zei de verpleger lachend en liet mij gaan. Terwijl ik mij snel uit de voeten maakte liep hij alweer naar het volgende slachtoffer.

Om 13u35 pikte mijn privéchauffeur mij op en was alle leed geleden, voor mij toch, want overal zaten de wachtzalen nog nokvol en liepen op alle afdelingen mensen, op en af, op zoek naar de juiste afdeling waar de ‘koopdagen’ plaats vonden.

Het verkeerde flesje.

 

 

 

Ik zat al een paar dagen met een serieuze spierverrekking in mijn rechterheup waardoor bewegen nog moeilijker was geworden. Elke stap of verkeerde houding werd vergezeld met een heerlijke korte pijnscheuten, die door merg en been gingen. Zitten ging niet en staan ook niet, dus heb ik mij in alle richtingen geplooid in de meeste pijnloze attitude.

Eerst heb ik de door de huisdokter voorgeschreven pijnstillers geslikt tot ik er een ‘misselijkheidsgevoel’ aan over hield en de pijn onverminderd aanwezig bleef.

Normaal ben ik mijn eigen ‘pedicure’ als het over nagelknippen van de tenen gaat. Omdat vooroverbuigen uit den boze was, moest ik dit keer de hulp inroepen van mijn behulpzame vrouwtje dat altijd klaar staat om mij in de moeilijkste situaties bij te staan. ‘Tot de dood ons scheidt, stond er ooit in een klein bruin boekje….’

Na een heerlijk voetbadje gevuld met koud water en een streepje zeep, waren mijn voeten zacht en mijn teennagels klaar voor de ingreep.

Mijn vrouw had nog iets speciaal in petto, een flesje met een verkoelende gel met een heerlijke muntgeur. Ze wreef mijn voeten er mee in maar ik merkte alleen een witte plakkerige massa, die mij deed slippen in mijn slippers.

Mijn vrouw dacht dat de versheiddatum verstreken was, maar pas toen ze het flesje opnieuw ter hand nam, zag ze dat het vloeibare zeep was om haar gezicht mee te ontschminken. Ze kon niet meer van het lachen, en zei dat dit een misser was.

In één vloeiende beweging stak ik mijn voeten opnieuw in het voetbadje om ze te zuiveren van het plakkerig goedje. Al lachend liep mijn vrouw naar de badkamer om het juiste flesje te halen.

Mijn voeten die ondertussen ‘ontschminkt’ en zuiver waren, werden vakkundig afgedroogd door mijn, nog steeds lachend hulpje.

Met het juiste flesje en een massage werden mijn voeten nu ingewreven met de juiste verfrissende muntlotion. Ik kan het iedereen aanbevelen, het is verfrissend en het geurt goed.

Waar ik ook zat of stond, de hele avond was ons terras gevuld met de heerlijke geuren van mijn voeten. Zelfs de muggen waren van de partij om mee te genieten. De verdomde bloedzuigers werden nu nog sterker aangetrokken.

Toen mijn vrouw ging slapen heb ik haar gevraagd toch goed uit te kijken, zodat ze niet het verkeerde flesje gebruikte om de make-up te verwijderen en de huid te verzachten. Ik lachte een beetje groenig omdat de muggen mij, als een zoet groen muntblaadje, aan het opeten waren.

Onze terugkeer naar het vriendelijke Hellas.

 

 

Wat is er mooier dan lekker samen ontbijten op je eerste vakantiedag. Het ontbijtbuffet stond ons vers en uitdagend op te wachten. Met onze persoonlijke ochtendkeuze op een groot dienbord, schoven wij onze benen onder een vrije tafel met zicht op zee.

Na het ontbijt verzamelden wij al onze krachten om een verkennende wandeling te maken naar het havenstadje Pythagorion, met zijn kleurige en geurige winkeltjes, lokkende tavernes en uiteraard de levendige haven.

Wij snoven de heerlijk zeelucht in onze longen tijdens een wandeling rond de haven. Daarna werd het hoogtijd om onze dorstige kelen te gaan bevochtigen en wij liepen doorheen een mooi haventafereel van verschillende vissersboten en jachten naar “Cafe Bar Creperie ZEPHYRUS”, of kort gezegd naar Katarina.

Katarina hadden wij verleden jaar leren kennen, een hartelijke humoristische vrouw die mijn grapjes wel lustte met de glimlach. Wij waren vaste klanten geworden, wij lusten ‘haar’ verzorgde drankjes en die planning gingen wij dit jaar verder zetten.

We waren een tiental meters van de taverne verwijderd, toen ze ons herkende en naar ons toe gelopen kwam. Het onthaal was een gemeende mix van knuffelen en kusjes. Ze sleepte ons mee naar haar beste tafeltje en blijgezind zorgde ze voor onze drankjes. Na een paar glazen ouzo, biertjes, frappe (Griekse ijskoffie) en hapjes, namen wij voor een dag afscheid van Katarina om nog even te verdwalen in de kleurrijke winkels.

Mijn vrouw en ik beslisten om te voet terug te keren naar het hotel, en na een kleine opfrissing op de kamer, was het nu tijd om de strandbar van het hotel te gaan verkennen. Van mijn vriend Giorgios wist ik al dat Eva het dienstertje in de bar, er dit jaar  niet meer was en vervangen werd door Carmen, een vurige Spaanse die ook vloeiend Engels en Grieks sprak. Dimitri herkende ons ook meteen, en vroeg meteen achter onze vrienden, die er dit jaar niet bij waren omdat ze hadden gekozen voor een vakantie in de bergen van Oostenrijk.

Vorig jaar werd ik overal door de Griekse godinnen aangesproken vanwege mijn ‘sexappeal’ en mijn speciale brilmontuur. Dit jaar was dat echter niet meer het geval, alleen Carmen merkte mijn heerlijk geurende “Eaux de toilet” op, en gaf daar complementjes over. Fier als een pauw dronk ik aan mij ouzo, mijn vrouw keek geamuseerd, en ik zag haar denken: “Laat hem maar genieten, ik weet wel beter”.

De avond werd afgesloten met een stevige maaltijd vergezeld van de nodige Griekse Retsina, ouzo, Life muziek in het restaurant. Het bezoek van onze vriend Mimis maakte de dag onvergetelijk.

Ontspannen en goed gevuld zakten wij iets na middernacht af naar de kamer, waar ons bed ons met open armen ontving.

De verplichtingen van de eerste vakantiedag zaten erop, en gelukkig sloten wij onze ogen.

Back to the past.

 

 

Het voelde als thuiskomen in ons tweede verblijf. De bus stopte toevallig langs de geplaveide weg naar het openlucht restaurant. Het uitladen van de reiskoffers ging razend snel vanwege de adrenaline die door onze aders joeg.

Door de vertraging hadden wij ruim een uur van onze vakantie verloren, maar dat gingen wij nu goed maken.

Wij lieten onze koffers op het de hete tarmac staan en liepen recht in de armen van onze vrienden, Giorgios en Jani, de uitbaters en bedieners van het ‘Kouros restaurant’.

Verleden jaar hadden wij deze toffe kerels van Grieks ‘vlees en bloed’ leren kennen. De klanten, die in het restaurant zaten, wisten niet wat er gebeurde, en keken er verbaasd naar de ontvangstscène.

Wij spraken af om eerst de koffers naar de kamer te brengen en dan te komen aperitieven en eten in het restaurant. Maar de heren lieten ons niet dadelijk vertrekken omdat wij eerst hun versierde tafel moesten keuren.

De tafel was versiert met bloemen en rode kaars, en zelfs mijn favorite Griekse sigaretten lagen klaar. Het is geen publiek geheim dat ik gedurende de vakantie rook, dat is een handeling die mij uiteindelijk met al de andere capaciteiten troont tot een echte Griek. Iedereen doet wel iets gek als hij op vakantie is, en ik rook als een Turk in Griekenland met een glaasje ouzo erbij en verstand op nul. Laat de vakantie nu maar beginnen.

Wij schreven ons in aan de receptie en vertelden dat wij het nummer van de kamer al wisten, van Mimis die eerder die dag al op zoek was geweest naar ons in het hotel. Maar hij had ons niet gevonden wegens de vertraging van onze vlucht (lees vorig reisverhaal).

Het kon allemaal niet snel genoeg gaan, en na het plaatsen van de koffers op de kamer liepen wij in zeven haasten naar het restaurant, waar wij plaats namen aan onze versierde tafel.

Wij werden op al onze wensen met een gemeende glimlach bediend door ons ‘persoonlijk’ personeel. Na de ouzo volgde de retsina en een grote gemengde visschotel, met alles erop en eraan, om uw vingers mee af te likken.

Een paar uur later, na wat bijpraten met onze Griekse vrienden, en een ouzo als slaapmutsje, sloten wij traditiegetrouw het restaurant.

Met de laatste krachten sleepten wij ons naar de eerste verdieping, naar de kamer voor de nachtrust. Maar er wachtte ons eerst nog één zware taak, het uitpakken van de koffers.

Nu kon onze vakantie pas echt van start gaan, maar de planning was pas voorzien voor de volgende ochtend, met een heerlijk vers uitgebreid ontbijt voor onze neus.

Maar dat is voer voor het volgende reisverhaal.

Toeval of niet?

IMG_20180728_073529

 

Juist op de heetste nacht van het jaar, kroop ik om 1u45 in bed, terwijl buiten nog een paar verdwaalde regendruppels hun weg zochten naar de verschroeide aarde.

Bij het naar boven gaan steeg de temperatuur bij elke stap die ik deed, een paar graden.

Gelukkig werkte de airco op de slaapkamer op volle toeren om de zwoele temperatuur terug naar beneden te krijgen.

“Sweet dreams”, dacht ik toen ik mij neerlegde naast mijn slapende prinses, niet wetende dat ik een paar uur later zou wakker worden in mijn ergste nachtmerrie.

Ik werd abrupt uit dromenland gerukt. De airco blies zijn laatste koele adem uit, en mijn cpap-toestel weigerde om mij nog verder te beademen. Ik wou op de elektronische wekker kijken hoe laat het was, maar deze weigerde elke medewerking en toonde triest haar zwart schermpje.

Had de bloedmaan gisteren teveel energie opgezogen, waardoor de stroom was uitgevallen?

Het was tijd om in actie te schieten. Mijn vrouw sliep verder als een roos en had niet eens gemerkt dat ik van haar zijde week.

Onderaan de trap stond het ontvangstcomité van huisdieren mij al trouw op te wachten.

Gelukkig had iemand, die nog stroom had het daglicht al aangeknipt, zodat ik zonder al te veel obstakels de zekeringkast kon bereiken.

Er gaat op zo’n moment van alles door je hoofd. “Lag het probleem bij mij? Had mijn airco alle stroom opgevreten of had de stroomleverancier beslist om onze stroom af te schakelen tussen bepaalde tijdstippen om te besparen op het verbruik wegens de uitzonderlijke warmte?

Ik was nog een paar stappen verwijderd van het juiste antwoord.

Al de knopjes van de zekeringen stonden netjes op een rij met hun blik fier naar boven. Ik had er voor alle ‘zekerheid’ een zaklamp bijgehaald om uit te sluiten dat ik niets over het hoofd had gezien.

Alles leek in orde, dus lag de oorzaak elders. Wat doe je dan, mijn slaap was in ieder geval over.

De oplossing lag dichtbij, met mijn smarthphone kon via de sociale media, een hulpkreet de wereld insturen. Het duurde niet lang voor ik antwoord kreeg van bevriende mensen, die ook stroomloos waren gewekt. Nu kon ik met een gerust hart wachten tot iemand de juiste knop omdraaide om ons terug van stroom te voorzien.

En ja hoor, om 6u30, na  drie kwartier stilte en lichte duisternis, had het leven weer zin en stond het hele huis met “hebben en houden” terug onder stroom.

Om er zeker van te zijn dat ik alert bleef, terwijl ik deze tekst schreef op mijn terrastafel, viel de stroom om 07u17 opnieuw uit.

Een klein minuutje later was er weer stroom, en kon ik alle apparaten weer gaan ‘resetten’.

Ik zette een punt achter mijn laatste zin, en plots zoefde volgende slotzin door mijn hoofd:

“Misschien had de ochtendstond toch nog goud in de mond”. (punt)

Onze eigenzinnige robot legde het werk neer.

 

 

Wij hebben al maanden een ‘Robot – stofzuiger’. Je kan de robot instellen dat hij eigenhandig en op z’n eentje de grote ruimtes in de living en de keuken stofzuigt. Dit is zeker nodig met twee ‘ruivende’ huisdieren in huis. Dat maakt, dat deze robot haar gang kan gaan. Als het vuilreservoir vol is gaat er een lampje branden en moet ik uit mijn luie zetel komen om het magazijn leeg te maken. Met een simpele druk op een knopje van de afstandsbediening werkt de robot daarna zijn verdere programma af.

Het is mogelijk om op voorhand dag en uur in te stellen, zodat je niet hoeft thuis te blijven. En daar knelt nu juist het schoentje.

Er zijn een paar kasten in huis waar de robot steevast naar toe wil om zich dan vast te rijden. Gelukkig valt het ding na een tijdje in veiligheid, en moet ik uit mijn luie zetel komen om hem terug op het rechte pad te zetten. Meestal bestuur ik de robot manueel met de afstandsbediening zodat ze ‘mijn’ geplande route moet volgen, al wil dat wel eens tegenvallen.

Het is natuurlijk een gemakkelijk hulpmiddel, maar om de twee dagen moet je het grotere zuigwerk sowiezo overlaten aan de professionele stofzuiger.

De laatste maanden is er een kink in de kabel, de robot vertrekt steevast op woensdagavond vanuit zijn laadstation, zonder dat hij op dat tijdstip is geprogrammeerd. Als je dan thuis bent is dat geen probleem, en ook als wij niet thuis zijn weten wij dat de robot in veiligheidsmodus valt bij elke aarzeling of bij vastrijden.

Gisterenavond zaten wij gezellig bij vrienden op de barbecue en hebben wij daar nog hartelijk om gelachen, omdat het woensdag was.

Pas vandaag, meer dan een halve dag later merkte mijn vrouw op dat de robot niet was teruggekeerd naar het laadstation wat niet veel goeds deed voorspellen. Ik had de afwezigheid ook niet opgemerkt, en de robot was dus ook nergens te bespeuren. Anders hadden wij hem wel gezien. Niets, ook geen afscheidsbriefje, zelfs geen achtergelaten hoopje vuil.

Wij hebben het hele huis afgeschuimd, onder de kasten en onbereikbare hoeken en plaatsen gezocht, maar de ‘robot’ was nergens te bespeuren.

Mijn vrouw en ik hadden er geen oplossing voor, maar de robot kon toch niet uit zichzelf via de deur naar buiten gerold zijn.

Bijna hadden wij de hoop op een reünie opgegeven, toen er bij mij een klein lichtje ging branden.

In mijn opnamestudio stond ook een kast met dezelfde afmetingen als de kast in de living waar de robot zich steeds vast reed.

En jawel, helemaal weggestoken onder kast stond de robot weerloos te wachten op reddende handen. Ik moest zelfs de kast een beetje kantelen, zodat mijn vrouw het ding kon pakken.

Wij waren blij en hebben de robot een goede beurt gegeven……een poetsbeurt.

Ah, ja, er moest terug verder gewerkt worden.

‘The Eagle has landed’.

Samos luchthaven

 

Na  meer dan een uur vertraging zette het vliegtuig voet aan de grond op Griekse bodem. Het was al donker, want het was er een uur later dan bij ons.

Met een bus werden wij een paar honderd meter verder naar de aankomsthal gereden. Die vriendelijke Grieken toch, wij hadden deze afstand gemakkelijk te voet kunnen doen, maar veiligheid van de passagiers speelde hier waarschijnlijk ook een grote rol.

Eenmaal in de aankomsthal aangekomen was het wachten op onze reiskoffers. Er stonden twee transportbanden die de koffers tot bij de mensen moesten transporteren.

De eerste band startte, en al de mensen liepen elkaar voor de voeten om hun koffer te zoeken op de band. Geduld stond niet op hun ‘Bucket list’

Dit bleek een vergissing te zijn, want opnieuw werd de band stilgelegd en de tweede band opgestart. De hele kudde mensen liep nu naar deze transportband aan de andere zijde van de hal op zoek naar hun koffers. Er was geen doorkomen aan dus bleven wij kalm wachten tot er in de mensenzee een kleine opening kwam.

Achter mij stond een kleine mollige Griekse dame, in donker uniform, met een brede glimlach op haar gezicht ons op te wachten aan de stand “Douane”. Daarachter was een automatische schuifdeur die de vakantiegangers naar buiten liet. Die deur ging dus regelmatig open en dicht en plots zag ik een verschijning, Mimis, een vriend die wij al meer dan twintig jaar kenden. Ik vertelde dit aan mijn vrouw, en zei dacht dat ik ze zag vliegen. Maar wij hadden net meer dan drie uur gevlogen. (doordenkertje)

Gelukkig hadden wij snel onze reiskoffers veroverd tussen de haag van mensen en liepen wij langs de lachende dame van de Douane, met ons onschuldigste gezicht naar buiten.

Het was een verrassend en heerlijk weerzien met onze vriend Mimis. Hij was al in het hotel geweest en wist ons te vertellen dat wij kamer 216 hadden en dat hij nog zou langskomen. Door de vertraging van onze vlucht kon hij niet langer blijven. Hij verdween als een dief in de nacht, want hij was nog aan het werk en moest nog heel wat huurwagens aan de man brengen.

Omdat wij met onze vriend aan het praten waren hadden wij natuurlijk de hostess van onze reisorganisatie gemist. Er stonden nog een paar bussen vertrekkensklaar, ik zocht het logo van onze touroperator op de juiste bus en sprak de chauffeur aan. Nat bezweet laadde de bruin getinte Griekse chauffeur onze koffers in de buik van de bus en na het instappen, vertrok de bus naar ons hotel.

Na een lange rit van ongeveer vijf minuten stonden wij al aan de ingang van het hotel. Alle ogen in het restaurant waren op de ‘nieuwe arrivals’ gericht en er stond er ons een mooie verwelkoming te wachten.

Maar dit verhaal lees je in de volgende aflevering.