De straten lagen bezaaid met papier en karton.

Papier

 

Zoals iedere morgen trok ik mijn jas aan en riemde mijn hond aan de leiband.

Het werd donker in huis en wij liepen kwispelend naar de voordeur, toen de natuur daar een stokje voor stak, en wij onze wandeling moesten uitstellen.

Vergezeld van rukwinden viel er een grote hoeveelheid regen en hagelbolletjes uit de lucht. Mijn hond begreep niet, dat wij binnen bleven schuilen. Ik liet haar daarom even met de winterse grillen kennismaken. Ze stoof terug naar binnen toen ze een paar hagelbolletjes op haar vacht kreeg.

Iedere tweede dinsdag van de maand wordt in onze straat het papier en karton opgehaald. Wij sluiten de dozen altijd goed af met plakband, zodat er niets kan gaan vliegen tijdens een stevige voorspelde of onverwachte rukwind.

Na een vijftal minuten was de donkere agressieve wolk overgetrokken en bleven de sluisdeuren even dicht.

Dat was het startsein voor de man met hond. Ondertussen lagen er kilo’s aan hagelbolletjes te smelten en liet de zon zich zelfs even van haar beste kant zien.

Wie liepen de straat uit en zagen overal papier en stukken karton rondslingeren. Blijkbaar hadden veel mensen niet naar het weerbericht geluisterd, ofwel waren ze te lui om al hun leeslectuur samen te binden.

Eigenlijk is dat wel grappig, want zo zie je wat mensen allemaal lezen en in huis halen, maar de vraag is, wie dat allemaal gaat opruimen? “The answer my friend, is blowing in the wind”.

De meeste eigenaars van het rondslingerend papier zijn op hun werk of doen juist alsof ze niet thuis zijn.

Wij moesten vaart maken want mijn hond had hoogdringende behoeftes en de volgende wolkbreuk hing al klaar in de lucht.

Op de terugweg naar huis vloog het papier ons rond de oren in de windgolven.

Er was nog geen opruimdienst te bespeuren en dus bleef het papier tot in de namiddag voor problemen zorgen.

Ik ben zelf regelmatig aan het venster gaan kijken, of mijn dozen nog niet doorgezakt of opengescheurd waren door de regenbuien.

Misschien moeten de verantwoordelijken van de stad, het eens duidelijk op papier zetten, om bij slecht weer geen papier op te halen.

Maar dan blijven wij in dit land wel met een berg papier zitten.

 

Advertenties

Foamsclerotherapie

 

 DSCF0427

 

Vandaag moest ik op jaarlijkse controle bij de specialist Vasculaire heelkunde, voor de leken, specialist van de aders.

Mijn vrouw bracht mij naar het ziekenhuis, en zoals altijd was ik veel te vroeg op de afspraak. Maar het loonde weer, want meer dan een kwartier te vroeg zwaaide de deur open en mocht ik binnen bij mijn goedgemutste specialiste die ons een gelukkig Nieuwjaar wenste. Ik mocht na het verwijderen van mijn broek en kousen op het bankje stappen voor de echografie van mijn aders in het linkerbeen. Er zat veel vocht in en dat moest weg zei ze, dus kreeg ik weer de goede raad om lymfdrainage te volgen, maar eerst……….

Ik mocht plaats nemen op het ligbedje, want ze ging een paar diepe en oppervlakkige aders wegspuiten. Het werd bijna een horrorverhaal door de “foamsclerotherapie”.

De aders worden “droog gespoten” met schuim in plaats van vloeistof. Zo is het mogelijk om ook grotere aders en uitgebreidere kluwen te behandelen.

In het begin voelde ik wat kleine prikjes, maar de pijnscheuten werden heviger.

Het lachen verging mij bijna, omdat ze de handeling een paar keer moest herhalen, omdat mijn ader te diep lag en de naald te kort was.

Na een tijdje begon ze in de zijkant van mijn voet te steken, en vroeg of het pijn deed. Ik antwoordde positief en bleef lachen, weliswaar groen. Ik zei: “Ik vind het mooi dat je dat vraagt, maar ik heb geen keuze, ik kan hier toch niet weg.” “Neen” lachte ze, maar dan weet je dat ik medelijden met u heb”.

Ondertussen had ik het aantal plafondtegels geteld, en hoopte dat het snel voorbij ging zijn. Er kwam nog een andere specialiste bij en mijn been werd precies een “relikwie” en ze begonnen zelfs latijnse geneeskundige uitdrukkingen uit te wisselen.

Uiteindelijk was de bus met schuim leeg denk ik, want ze begonnen mijn been in een wattenverband te wikkelen. “Dit moet er een week rond blijven, en dan mag het er af en moet de steunkous zes weken gedragen worden”, grapten de dames.

Ik hees mij terug in mijn broek en kreeg een flyer met de nodige uitleg en het prijskaartje van de behandeling. Ik wist niet dat schuim zo duur was.

Ik mocht vertrekken maar moest een half uur rondwandelen om het schuim in mijn aders haar werk te laten doen.

Daar zat mijn vrouw dan, ze was zo goed geweest om mij te brengen, en nu moest ik te voet naar huis wandelen.

Ik geef toe, dat wij wat ‘gefoeteld’ hebben, want ik ben een stukje met haar meegereden en onderweg uitgestapt.

Ik heb er een wandeling van drie kwartier van gemaakt om er zeker van te zijn dat de behandeling werkte.

Nu heb ik nog altijd het gevoel dat die naalden er nog inzitten, zo’n steken heb ik in mijn been.

Wie zei daar ook al weer: “Wie mooi wil zijn, moet tegen de pijn kunnen”.

Wordt zeker vervolgd, want ik moet binnen twee weken terug naar de specialiste.

Ik weet waar de lamp brand.

licht-aan-het-einde-van-een-tunnel-is-soms-een-aanstormende-trein

 

Beste vrienden en vriendinnen, ik heb het licht gezien. Geloof het of niet.

Het heeft ook niets te maken met het feit dat het bijna Drie Koningen is en dat de Heren nu al op ronde zijn om hun liedjes te zingen en achteraf de zuurverdiende centjes op de rooster tellen.

Wat ik heb gezien, daar kunnen Casper, Melchior en Balthazar nog een puntje zuigen. De drie wijzen volgden de ster naar Bethlehem, maar ondertussen nemen ze het openbaar vervoer of rijden in hun eigen wagen en volgen de gps.

Ik, in mijn geval, was op wandel met mijn trekpaard aan de leiband. In deze grijze en natte dagen wil mijn hond, na de daad, altijd snel naar huis.

Ik had de kap van mijn jas over mijn oren getrokken, tegen de regen en de gure windstoten. Want als er één ding is wat ik haat, dan is dat wandelen met een natte bril waardoor je geen steek meer ziet.

De ingekorte wandeling zat er bijna op, en wij zagen eindelijk licht aan het einde van de tunnel. Wij waren dus bijna terug thuis.

Maar een mens die op wandel is, is soms heel diep in gedachten verzonken waardoor hij even de wereld rondom zich vergeet.

Ik denk dat ik even zo’n black out had, en werd opeens verblind door een fel licht dat van boven leek te komen.

Eerlijk, ik dacht dat mijn tijd gekomen was om te gaan en durfde eerst niet naar boven te kijken. Zo rap als het licht verscheen, was het ook weer verdwenen. Ik ging bijna aan mijn eigen twijfelen. Had ik ze nog wel allemaal op een rij, was ik mijn verstand aan het verliezen of  zat ik in een dagdroom?

Ik besloot uiteindelijk toch naar boven te kijken, en zag een kleine meter achter mij een lamp hangen die over een afsluiting hing als sieraad en vergezellend licht. Ik hoor jullie al hardop lachen en denken, een lamp dat zie je toch elke avond. Juist, maar het was in de namiddag en al de lampen aan de afsluiting, een drietal, waren dus volop stroom aan consumeren. De eigenaar van de tuin bracht licht in de duisternis van deze grijze dag.

De Heer had dus nog geen opdracht gegeven om mij tot aan de poort bij sint Pieter te roepen.

Toen ik thuis kwam, was mijn lamp uit, en het groot licht aan de leiband wachtte op haar snoepje.

 Vanaf nu zal ik nog meer geconcentreerd zijn op al de toekomstige wandelingen, en elke toevallige gebeurtenis zal door mij geregistreerd worden en in mijn geheugen gegrift om later voor jullie in een tekstje te gieten.

Tja, ‘Het leven zoals het “echt” is’, kan je niet altijd plannen, het overkomt je gewoon en is menselijk. Beschouw het als een lamp, die je het licht doet zien.

Wie wind zaait zal storm oogsten.

hond-uitlaten-herfst

 

 

Vandaag kreeg je buiten een gratis “brushing all in”, alleen was het spijtig dat de tondeuse bij mij haar werk al had verricht en een verzameling stoppels had nagelaten op mijn hoofd.

Tijdens mijn ochtendwandeling konden wij eens lekker uitwaaien in een stevige bries. Ik was nog maar net de hoek om gewandeld of ik had al twee gesprekpartners, die ook nog met een fikse handdruk het nieuwe jaar lieten inluiden.

Tijdens het gesprek dat toevallig ging over het onbezonnen afsteken van vuurwerk, moesten wij ons bijna vast houden aan de takken van de bomen, vanwege de hevige windstoten. Maar hier hadden ze de bomen spijtig genoeg een paar maanden eerder omgezaagd.

We kregen waar voor ons geld toen plots vanuit een andere hoek van de straat een onvoorzien voorwerp te voorschijn kwam. Er waaide een volle vuilzak om de hoek waaruit de inhoud door de wind werd rondgezwierd in onze richting.

Het was een mooi schouwspel dat mij deed denken aan de golven van de zee, die zand en schelpen uitstrooiden op het strand.

Opeens zagen wij een jonge vrouw de zelfde hoek om komen, die achter haar vuilzaak aan liep. Ze kreeg hem uiteindelijk te pakken en begon toen de hele inhoud terug bijeen te rapen, wat geen gemakkelijke klus was. De wind speelde ermee en nam het mee in haar speelse windstoten.

Ik hoor jullie al zeggen, waarom hielpen jullie deze vrouw niet. Je denkt toch niet dat ik mijn onschuldige handen ga steken in iemand anders zijn vuilzak.

Dat is privé eigendom en grensoverschrijdend gedrag.

De vrouw liep van links naar rechts en moest veel maneuvers doen om al haar rommel terug op te rapen, die telkens bij elke krachtige windstoot in een andere richting werd geblazen.

Na  ons gezellig gesprek in de wind zette ik mijn wandeling verder en kwam in een aanpalende straat diezelfde vrouw tegen die nog altijd, met een beschaamd gezicht, op jacht was achter de persoonlijke inhoud van de vuilzak.

Nu kan je je natuurlijk afvragen wat die vrouw met haar vuilzak op straat deed op een woensdag, terwijl de vuilkar deze pas op vrijdag komt ophalen.

Daarom mag je pas op de vooravond je vuilzakken op straat zetten, maar in dit geval was “haast en spoed, zelden goed” van toepassing.

In ieder geval hadden wij ons eerste binnenpretjes van het nieuwe jaar al gehad.

Met de wind in de zeilen keerden wij vrolijk huiswaarts.

Het allerlaatste verhaal van het jaar……

afscheid

 

Het klinkt allemaal zo cliché , zo eindig , op de laatste dag van het jaar. Het laatste blaadje van december wordt van de kalender gerukt, de laatste vierentwintig uur zijn ingegaan, het aftellen is begonnen. Eraan ontsnappen kan niet en vluchten ook niet meer. De laatste uren tikken weg, met de goede en slechte herinneringen. Maar volgend jaar wordt het beslist beter, dat wensen wij elkaar toch toe en het maakt ons even een goed mens met de beste voornemens voor vriend en vijand.

Ik had de allerlaatste wandeling om 17u00 ingezet met mijn hond, die nog niet op de hoogte was van de jaarwisseling. Het was beter zo, ze zou het toch ontdekken, later op de avond.

Je zag geen kat meer op straat, alleen de man met hond trotseerde voor de laatste maal dit jaar het gure herfstweer. Het lag zeker niet aan de honderden druppels oudejaarsregen die tegelijk op ons nederdaalden, ondersteund door stevige rukwinden.

De enkelingen die wij op onze weg tegen kwamen, waren de vergeten de stokbroden of andere levensmiddelen gaan kopen voor het grote feest vanavond. Er werd blijkbaar op veel plaatsen een groot feest georganiseerd, dat kon ik vaststellen als ik door de ramen naar binnen keek en een goed zicht had op versierde lange tafels en tientallen brandende geurkaarsen.

Alleen een politiecombo leek verloren te rijden in de vallende duisternis en vertraagde toevallig naast mij.

Hoe kon het anders, ik leek verdacht met de kap over mijn hoofd tegen de regen, vergezeld van een al even verdachte zwarte hond. Ze bleven even staan naast mij, en reden dan terug een paar meter achteruit en keken met een lamp in het aanpalende steegje.

Dan reden ze opeens weer vooruit tot naast ons, en je zag de twee donkere gezichten van de mannen van de wet mij opnieuw bekijken met onderzoekende ogen. Dan reden ze op langzame snelheid verder de straat in.

Waren ze op zoek naar iemand, of een frituur, waarvan ze het verkeerde adres hadden opgetekend of misschien een valse oproep?

Bij elke stap die ik zette ging het harder regenen, maar mijn hond wist niet van opgeven. Ze trok mij door het donker verder de straten in om het juiste plekje te vinden voor haar laatste grote boodschap van dit jaar. Achteraf raapte ik het goedje op en versierde het met een lintje, bij wijze van feestelijk en definitief afscheid.

Een half uur later waren wij terug thuis en mijn hond was smakelijk haar laatste voeding calorieën aan het opeten toen er plots een paar meter verder buiten iemand de plezante uithing met een knallende bommetje.

Ze stopte met eten en je zag de schrik in haar ogen, gelijktijdig kwam onze poes tegen de snelheid van een angstige panter aangesneld om veilig terug binnen te komen.

Nu was het ineens ook duidelijk voor onze huisdieren, de laatste bange uren van het jaar waren begonnen, met veel licht en klankspel.

Busje komt zo…..

IMG_20171223_104719

 

Het liep tegen Kerstmis en de Kerstman en zijn Elfje hadden een snipperdag genomen om zelf cadeautjes voor elkaar te gaan kopen, om weg te schenken op Kerstavond.

Omdat ze die dag nog een avond kerstwandeling in“Meuᵉs Herrek (St Lambrechts Herk)” op het programma hadden staan, kozen ze veiligheidshalve voor een ‘kort ritje’ met de bus.

Het was grijs en donker en af en toe viel er wat fijne motregen uit de hemel.

Wat de Kerstman en Elfje niet hadden gecontroleerd, was de route van de bus H91, voorheen de H7. Het hele spinnenweb met wegen en bushaltes was al een paar weken geleden veranderd om het de reizigers gemakkelijker te maken.

De Kerstman had alleen de uren bekeken op het routeplan, namelijk elke 12 minuten na het uur en 18 minuten voor het uur zou de bus  aan de nieuwe halte verschijnen.

Stipt om 11u12 stond het vrolijk koppel te wachten op de bus om naar de gezellige vrijdagmarkt te gaan.

Stipt op het vermelde uur kwam de bus aangereden, tot geruststelling van de Kerstman en zijn Elfje. Ze betaalden elektronisch met een vooraf gekochte beurtenkaart en namen plaats in de bus. Heerlijk toch zo’n vrije namiddag om samen te gaan genieten van de gezellige versierde stad.

De bus reed door de Bakkerslaan via de Kruisherenlaan naar de St Truidersteenweg. Gewoontegetrouw zou de bus op haar oude route links afdraaien en haar weg vervolgen naar het stadscentrum.

Maar dankzij de onwetendheid van het kerstkoppel draaide de bus rechtsaf, richting Prins-Bisschopssingel, links af langs de Recor en het Crematorium.

De Kerstman en Elfje bekeken elkaar en lachten met hun eigen stommiteiten, en vonden het nog wat vroeg om hier af te stappen. (Doordenkertje)

Hadden ze op voorhand de route maar bestudeerd. Gelukkig hadden ze tijd genoeg en ondergingen ze zonder klagen hun nieuwe lot.

Na veel vijven en zessen reed de bus uiteindelijk richting centrum.

De Kerstman en zijn Elfje slaakten een zucht van verlichting toen zij op het Leopoldplein aankwamen.

Toch besloten ze om niet uit te stappen en te wachten tot de volgende halte op de Grote markt.

Maar voor de tweede keer reed de bus in een andere richting, niet naar de Grote markt, maar wel naar het station.

De Kerstman en Elfje begonnen nattigheid te voelen en hadden geen andere keuze dan uit te stappen aan het station.

Het was beginnen te regenen en nu moesten ze te voet naar het Kolonel Dusartplein wandelen. Nu moesten ze nog een langere weg afleggen dan de afstand die ze normaal vanuit Runkst zouden gewandeld hebben.

Uiteindelijk bereikte het “Happy koppel”  drie kwartier, nadat ze vertrokken waren, de vrijdagmarkt en konden ze een versnelling lager schakelen om te genieten.

Samen genoten  ze  van de markt en de tientallen winkels waar mooie geschenken op de kopers lagen te wachten met prijskaartjes voor ieders portemonnee. Van al dat rondslenteren kregen ze honger en zorgden er ook voor dat de inwendige mens ook niet werd vergeten.

Ze hadden hun bus ticket nog niet opgeconsumeerd, maar ze kozen er toch wijselijk voor om de weg te voet naar huis terug te wandelen wat maar een klein kwartiertje in beslag nam.

Toen de Kerstman zijn hond uitliet is hij stiekem terug gaan kijken aan de bushalte, om vast te stellen dat route er duidelijk op vermeld stond.

 

Dit verhaal berust op toevalligheden. Overeenkomsten met bekende personen of personages zijn louter toevallig en bewust weggeschreven in dit verhaal,  waar ze benoemd worden als Kerstman en Elfje.

Laat uw verbeelding de vrije loop……. 

Er zat een raar smaakje aan……mijn gezonde maaltijd.

DSCF0378

 

Wij eten nu drie keer per week: “zelf te bereiden maaltijden” – vers aan huis geleverd. De diversiteit in menu’s is groot en afwisselend, en vooral lekker.

Zo heb ik de afgelopen week ook uiteindelijk het licht op groen gezet voor ingrediënten die ik normaal niet eet, omdat ze altijd achteraf opkomen, als de vertering begint.

Pepers en paprika’s stonden dus nooit op het lijstje van mijn favoriete groenten, maar ze zaten nu eenmaal in het te bereiden menupakket. En uiteindelijk viel het redelijk mee en heb ik achteraf alleen een paar keer moeten ‘boeren’, waarna een mengelmoes van smaken ontsnapten, maar voor de rest was het best te pruimen.

De overige dagen eten wij dan onze gewone dagdagelijkse maaltijden, waarin wij ons eigen smaakpalet van kruiden aan toevoegen.

Zo is het ook altijd een feest als de ‘frietdag’ er aan komt, met gezonde frietjes uit de oven. Een heerlijk slaatje met tomaten, ajuin en tonijn uit blik vullen elk leeg plekje op ons bord.

De salademixen die wij altijd aankopen zijn altijd voorverpakt, voorgewassen en gemakkelijk in gebruik als je weinig tijd hebt om uitgebreid culinair te koken.

Mijn smaakpupillen waren heerlijk aan het genieten toen er plots iets kraakte in mijn mond. Nu ben ik niet direct vies van een verdwaald zandkorreltje op mijn bord. Ik nam opnieuw wat sla op mijn vork en telkens had ik het gevoel dat ik zand aan het eten was.

Eerst liet ik het niet merken, maar mijn vrouw kent mijn streken en gezichtsuitdrukkingen en zag dat ik worstelde om mijn happen sla doorgeslikt te krijgen. En toen ging het alarm af, ik keek in de slakom en ontdekte tot mijn grote verbazing een klompje aarde, en ook de rest van de slablaadjes waren gekruid met donkere aarde.

De punten voor het eten daalden naar een dieptepunt en ook de cijfers voor sfeer en gezelligheid scheerden geen hoge toppen meer.

Ik heb dus weer een lesje geleerd, dat je de verpakte sla ook moet wassen vooraleer hij op tafel komt. Op het zakje staat wel dat je de inhoud niet meer hoeft na te spoelen met water, maar een ezel stoot zich geen twee keer aan de zelfde steen of klompje aarde.

De gezondheidskom ging aan de kant en heb ik vervangen door een extra portie friet en tonijn op mijn bord, en achteraf heb ik alles doorgespoeld met extra sprankelend vocht.

De hele avond had ik het gevoel dat ik zand tussen de tanden had, zelfs nadat ik mijn hele eetkamer had gepoetst.

Ze zeggen wel eens, zand schuurt de maag.

Maar mij zullen ze geen zand meer in de ogen strooien.

Wat mij betreft, zand erover.

Maar ik spoel vanaf nu elke groente en fruit, verpakt of niet.

 

Een oude vos verliest zijn streken niet.

 

 

Het zijn donkere tijden, die laatste weken van december, waar de mensen zelf kleur moeten brengen in hun dagelijks leven en dan is de echte winter nog niet eens begonnen.

De Kerstman zag overal de mooie kerstversieringen uit de grond schieten, bomen, tuinen en gevels werden versiert met duizenden flikkerende lampjes. Een mooi bewijs dat Kerstmis niet meer ver af was en de voorbereidingen voor de feestavonden in volle gang waren. In elke winkel, grootwarenhuis of geschenkenshops, was de jacht naar de cadeautjes begonnen en was het drukker dan normaal.

De kerstversiering was een bezigheid voor zijn vrouw die altijd mooie ideetjes  kon uitwerken met een minimum aan materiaal.

De huisdieren voelden dat er iets op til was en liepen overal in de weg of inspecteerden de versieringen.

De Kerstman voelde, dat het hoogtijd was om een frisse neus te gaan halen. Het was de goedlachse man zijn verantwoordelijkheid om zijn hond mee te nemen op een wandeltocht langs kerstdecors, zodat zijn kerstvrouw rustig kon verder werken.

Ook op het pleintje stond een reuzen Kerstboom met lichtjes die de sfeer rond Kerstmis aandikte. De mensen bleven nu ook gemakkelijker staan voor een gesprek, omdat ze verlof hadden en de spanningen en stress ver achter zich lieten.

De Kerstman vond een zalige gesprekspartner, een goede vriend, en samen moesten ze toch weer vaststellen dat sluikstorten nog steeds een dagelijkse beoefende hobby was voor sommige idioten. De Kerstman wreef in zijn lange witte baard en vroeg zich af waar mensen die rommel bleven vandaan halen.

Zo stond er tussen de zakken afval ook een televisietafel aan de glascontainer.

De Kerstman lachte zo hevig dat zijn buik ervan in beweging kwam en zei: “Nu ontbreekt er alleen nog een tv op die tafel en wij kunnen hier gezellig keuvelen terwijl wij naar een Kerstfilm kijken. En laat ons nu voor de lol eens wuiven naar de camera, die alle sluikstorters registreert”. Ze keken samen in de richting van de lantaarn waar de camera al maanden haar vaststellingen had gedaan. Het lachen ging snel over toen ze verbaasd moesten vaststellen dat hij er nu niet meer hing. Dus, daarom was het weer groen licht voor alle sluikstorters die hun rommel illegaal ter plaatse kwamen droppen.

Op dat zelfde moment kwam er een auto tegen hoge snelheid en gierende banden het pleintje opgereden en negeerde de verbodsplaat die er hing.

De ontgoocheling was groot, maar met een stevige handdruk en de daarbij gaande Kerstwensen, nam de Kerstman afscheid van zijn vriend. Zij beseften, dat Kerstmis niets zou veranderen aan de slechte mentaliteit van sommige mensen.

Toen de Kerstman terug thuis kwam was de controleur de kersverse versiering al aan het keuren.

De Kerstman dronk een warme tas rendiermelk en at een heerlijke dikke snee brood met verse boschampignons. Hij lachte, en was in zijn nopjes, Kerstmis was niet meer zo veraf.

De mooie versieringen en de lampjes brachten hem in vervoering.

 

 

De Kerstman had….even zijn dagje niet.

 

 

 

Die zondagmorgen werd de wens van de Kerstman verzilverd. Het was eindelijk beginnen sneeuwen.

De Kerstman die in zijn nopjes was, riep zijn elfje en samen genoten zij van de sneeuwvlokjes die uit de hemel neerdwarrelden op aarde.

Die dag hadden zij een afspraak op een Kerstmarkt, ver van de bewoonde wereld, wat het gemakkelijk maakte dat de rendieren met de slee, gevuld met pakjes, veilig kon landen in een aanpalende weide.

Maar dan kwam de eerste tegenslag, Rudolf het rendier was een beetje ziekjes, en zijn rode neus was veranderd in één grote snotneus. Het gevolg was bijna niet te overzien, want nu kon de arrenslee niet vertrekken.

Gelukkig had het elfje juist haar rijbewijs gehaald en reden ze samen met een tot aan het dak gevulde auto, met snoep en cadeautjes, naar hun bestemming. Het was oppassen geblazen door de sneeuw die alle wegen had veranderd in een mooi wit tapijt.

Na een tocht van drie kwartier bereikten ze het kasteel waar de kerstmarkt plaats vond in het mooi versierd park met kraampjes. Er steeg een mooie sound van muziek op, gevuld met evergreens en kerstliedjes, die de heerlijke sfeer nog aandikten.

De Kerstman had gisteren zijn vochtige laarzen voor de openhaard gezet en was nu vertrokken met versierde schoenkappen of getten, die over zijn zware wandelschoenen waren getrokken en onderaan strak zaten met grote rekkers.

Bij elke stap voelde de Kerstman de temperatuur stijgen, waardoor de sneeuw ging smelten, en door de druk aandikte tot een grote bol ijs onder elke voet. Men zegt wel eens dat mensen, die niet werken, grote bollen krijgen onder de oksels. Maar een uitleg of gezegde voor de bollen onder de voeten van de Kerstman was er niet.

Op het moment dat de Kerstman zich in het midden van de kerstmarkt bevond, kon hij bijna niet meer gaan vanwege de ijsbollen onder zijn schoenen. Er zat maar één ding op, de bollen trachten stuk te trappen onder het oog van de vele kraamuitbaters, die er het grootste plezier in hadden en dachten dat het om een grap ging. Die arme Kerstman toch.

De Kerstman bleef veiligheidshalve op de houten vloer staan, tot de sneeuw gesmolten was, en de goedlachse man de kinderen kon begroten met een lach, knuffel en een snoepje.

De sneeuw smolt voor zijn voeten, het begon te regenen en er stak een krachtige stormwind op. De media gooide ook nog roet in het eten door de mensen de goede raad te geven om niet nodeloos naar buiten te gaan.

De wereld is aan de durvers, en die kwamen door weer en wind toch naar de gezellige kerstmarkt.

Tegen de avond was de situatie onhoudbaar geworden en begonnen de marktkramers “hun hebben en houden” in te pakken en vertrokken. Een handjevol sfeermakers  genoten nog van een hapje en een lekkere jenever onder een overdekte droge schuilplaats. Het elfje stond vlak bij een van de vuurkorven, waar grote blokken hout zorgden voor de stralende warmte, ondertussen begroette de Kerstman de laatste kinderen met zijn eeuwige glimlach en luid geroep. Hij had wel al de moeite van de wereld om zijn muts en baard in de plooi te houden bij de hevige rukwinden.

Toen bijna al de sierlichtjes waren gedoofd, dronken de Kerstman en zijn elfje nog een warme lekkere mok soep en namen afscheid van de organisatie.

Zij reden naar de volgende opdracht, maar waren tevreden van de afgelopen dagen, wat hen gelukkig stemde.

De Kerstman zong een kinderliedje en het elfje lachte.

 “Olleke bolleke

Rubisolleke

Olleke bolleke knol!”…………Hohoho!

 

Mijn medisch dossier is weer bijgewerkt.

spiegel0

 

De medische analyse van mijn lichaam zit er op, en het was mij het weekje wel. Vandaag heb ik de week vol onderzoeken afgesloten met de laatste prikjes. Ik wou er van overtuigd zijn of ik in staat was de komende feestdagen zonder al te veel ontzeggingen kon overleven.

Met mijn hart in de schoenen vertrok ik richting ziekenhuis voor een kat en muisspel, met de nodige prikjes, de zoveelste “aderlating”.

Op de afdeling Hematologie zaten ze al volop in de Kerstsfeer. Ik meldde mij aan en zag dat er allemaal andere verpleegsters en verplegers aanwezig waren, dan op de vorige sessies. Het angstzweet brak mij uit, omdat ik goed wist wat mij als ‘speldenkussen’ weer te wachten stond.

Aan de vriendelijkheid van het medisch personeel lag het zeker niet, maar mijn bloeddruk steeg naar ongeziene hoge waarden, 16 over 9.

“Heb je altijd zo’n hoge bloeddruk”, vroeg de verpleger. “Ja”, antwoordde ik, “ altijd als ik in het hospitaal ben. Ik denk dat het inwendige angsten zijn die je aan de buitenkant niet kan registreren.”

Dan verscheen de volgende verpleegster op het appel, en vroeg aan mij wat de beste arm was om te prikken. Ik zei:” kies maar uit, wij zullen wel zien waar wij geraken”. “Jij geeft mij goede moed” zuchtte ze, en behandelde mij met echte ongeziene moederlijke liefde en zachtheid.

Niettegenstaande haar beste zorgen, moest ze toch twee keer prikken  en met de naald in een ader  bewegen om wat kostbaar bloed naar het zakje te laten vloeien.

Het bloed liep pas na de tweede poging, maar daarmee was ook alles gezegd. Ze moest op regelmatige tijdstippen met een spuitje kracht bijzetten in de afvoerleiding. En mijn bloed kroop waar het niet gaan kon.

Mijn bloeddruk werd nog drie keer opgemeten door een ongeruste verpleger, en langzaam maar zeker zakte mijn waarde naar normale cijfers, 13 over 7.

In ruil voor mijn zakje bloed kreeg ik een flesje spa bruis. Ik zei tegen de verpleger: “Ik zal de kelk tot op de bodem ledigen, alvorens ik het hazenpad kies”.

Nu zit mijn “vidange” er voor de komende drie maanden op, en ik ben aan het schrijven aan mijn nieuwjaarsbrief, waarin ik nogmaals de belofte ga doen om al mijn dokters en specialisten content te stellen in 2018.

Want, wat hebben wij geleerd deze week?

1 – Ik heb altijd gedacht dat drinken slecht voor mij was, dus ben ik gestopt met denken.

2 – Ik kan eten wat ik wil, ik val niet af.

3 – Groeien heb ik altijd verkeerd begrepen, wist ik veel dat dat in de lengte moest.